De dag na de operatie komt de arts samen met de verpleegkundige aan mijn bed. Samen bekijken ze grondig mijn nieuwe borsten. Voor mij is dit onderhand de normaalste zaak van wereld na alle onderzoeken die ze al hebben gedaan. De wonden rondom mijn tepels zien er goed uit, op één plekje na. Bij mijn linker tepel zit een klein zwart randje precies op de plek waar het na de vorige operatie ‘s avonds begon te bloeden. De arts besluit het weekend af te wachten om daarna verder te beoordelen of het weefsel zal overleven.

In het weekend ontvang ik veel lieve berichtjes van vrienden, familie en collega’s. Ook komen er een aantal mensen op bezoek ondanks dat ik zo ver van huis ben. Samen zijn we een aantal keer op het dakterras gaan zitten om even uit de kamer te zijn. Ik voel me redelijk en heb weinig pijn.

Na het weekend besluit de arts tijdens het ochtendrondje dat er diezelfde dag nog een operatie moet plaatsvinden. Rondom het zwarte randje zit een stukje dood weefsel en dit moet worden verwijderd. Ondanks dat ik wist dat dit één van de opties was, schrik ik van het bericht. Ik word overvallen door hetzelfde misselijke gevoel dat ik voor de grote operatie had. Ik besluit me nog snel even te gaan douchen aangezien je bij zo’n ‘spoedoperatie’ nooit weet op welk tijdstip het zal plaatsvinden. De twee verpleegkundigen die mijn bed komen verschonen zijn verbaasd dat ik me al zelfstandig heb verzorgd en me inmiddels met behendigheid aan het afdrogen ben zonder hierbij de richtlijnen te overtreden. Na een dergelijke operatie mag je bijvoorbeeld niet meer dan 1 kilo tillen en mogen je armen niet boven schouderhoogte komen. Terwijl ik me afdroog bekijk ik mezelf in de spiegel. Wat dat betreft ben ik een vrij nuchter persoon, want meteen toen ik een stukje mocht lopen heb ik al in de spiegel gekeken om te zien hoe het uitziet. Ik weet dat ik geen andere keuze had. Deze operatie moest gebeuren en de realiteit ontlopen heeft in mijn ogen geen zin. Na de verzorging probeer ik mijn vriend te bellen om hem te vertellen over de operatie. Het is nog vroeg, dus hij slaapt nog en neemt niet op. Mijn moeder die inmiddels weer terug in het zuiden van het land is, is daarentegen altijd vroeg op. Als ik haar bel neemt ze dan ook meteen op. Ik vertel haar dat ik weer geopereerd moet worden en probeer hierbij zo rustig mogelijk te klinken. Ik wil haar niet laten merken dat ik ontzettend verdrietig en zenuwachtig ben. Maar als een typische moeder schrikt ook zij van dit nieuws. Ze wil nog snel naar me toe komen maar ik leg haar rustig uit dat ze daarvoor niet meer op tijd zal zijn. Ik beloof haar dat ik haar meteen na mijn operatie zal bellen. Ik bel mijn vriend wakker en vertel ook hem over de operatie. Ook voeg ik er direct aan toe dat ik hem na de operatie pas weer zal zien, want tijdens mijn telefoongesprek gebaart de verpleegkundige al naar me dat ik naar de operatiekamer mag. Mijn verdriet maakt plaats voor mijn zenuwen, stijf van de spanning kruip ik terug het bed in.

De artsen hadden mij tijdens het ochtendrondje beloofd dat de operatie onder algehele narcose zou plaatsvinden. Op de voorbereidingskamer hoor ik echter iemand zeggen dat de operatie onder lokale verdoving plaats gaat vinden. Van paniek begin ik te huilen, de schrik zit er goed in. Het blijkt de operateur te zijn, hij neemt zich de tijd en komt naast me zitten om met me te praten. Narcose is altijd met een risico, dat is bij plaatselijke verdoving minder. Daarnaast zijn de gevoelszenuwen tijdens de vorige operatie al doorgesneden, dus waarschijnlijk voel je er vrij weinig in, legt hij uit.
Nadat hij op me heeft ingepraat neemt hij me mee naar de operatiekamer. Ik ben verbaasd over zijn geduld en patiëntvriendelijkheid, hij heeft me de gedurende de hele operatie afgeleid. Achteraf was ik heel blij dat het onder plaatselijke verdoving is gelukt. Terug op mijn kamer is mijn vriend inmiddels gearriveerd. Opgelucht dat het achter de rug is eten we samen onze lunch.

 

Bron foto: http://bit.ly/1TNmUVG